ADHD deel 1

Auteur: Mark Spaargaren

Ik wil vandaag wat schrijven over de stoornis ADHD. Hiervoor zijn twee redenen. In de eerste plaats is het actueel omdat Jonathan onlangs met ADHD is gediagnostiseerd en verder blijft het een veel besproken onderwerp en bestaat er veel onwetendheid over.

ADHD staat voor Aandachtstekortstoornis met Hyperactiviteit (Attention Deficit Hyperactivity Disorder). Het wordt onderverdeeld in 3 subtypen: overwegend hyperactief-impulsief, overwegend onoplettendheid en een gecombineerde type. De cassificering is afhankelijk van de mate waarin kenmerken van hyperactiviteit en onoplettendheid voorkomen.

Kenmerken van hyperactiviteit zijn:

  • Zit vaak met de handen te friemelen, met de voeten te  schuiven en op zijn stoel te wiebelen of draaien;
  • Staat zo maar op (bijv. in de klas of in andere situaties), terwijl van het kind verwacht wordt dat het blijft zitten;
  • Rent vaak rond of klimt overal op in situaties waarin dit ongepast  is (bij adolescenten of volwassenen) kan dit beperkt blijven tot subjectieve gevoelens van rusteloosheid;
  • Heeft vaak moeite rustig mee te spelen of aan vrijetijdsactiviteiten deel te nemen;
  • Is vaak “in de weer” of “draaft maar door”;
  • praat vaak aan een stuk door.


En van Impulsiviteit:

  • Gooit het antwoord er vaak al uit voor de vraag helemaal is gesteld;
  • Kan dikwijls niet op zijn beurt wachten, in een winkel, bij sport of spel of in groepssituaties;
  • Verstoort vaak bezigheden van anderen of dringt zich op.


Kenmerken van onoplettendheid zijn:

  • Slaagt er vaak niet in voldoende aandacht te geven aan details of maakt achteloos fouten in schoolwerk, werk of bij andere activiteiten;
  • Heeft vaak moeite de aandacht bij taken of spel te houden;
  • Lijkt vaak niet te luisteren als hij/zij direct aangesproken wordt;
  • Volgt vaak aanwijzingen niet op en slaagt er vaak niet in schoolwerk, karwijtjes af te maken of verplichtingen op het werk na te komen (niet het gevolg van oppositioneel gedrag of van het vermogen om aanwijzigen te begrijpen);
  • Heeft vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten;
  • Vermijdt vaak, heeft een afkeer van of is onwillig zich bezig te houden met taken die een aanhoudende aandacht (langdurige geestelijke inspanning) vereisen (zoals school- of huiswerk);
  • Raakt vaak dingen kwijt die nodig zijn voor taken of bezigheden (bijvoorbeeld speelgoed, huiswerk, potloden, boeken of gereedschap);
  • Wordt vaak gemakkelijk afgeleid door uitwendige prikkels;
  • Is vaak vergeetachtig in zijn doen en laten (bij dagelijkse bezigheden).

                        
Per categorie moeten zich 6 of meer kenmerken voordoen om die diagnose te kunnen stellen. Als in beide categorieen 6 of meer kenmerken aanwezig zijn dan wordt het gecombineerde type gediagnostiseerd. Kenmerken moeten voor het zevende levensjaar aanwezig zijn en zich in twee of meerdere situaties voordoen. Verder moeten andere psychiatrische stoornissen zoals een pervasieve ontwikkelingsstoornis, psychose of manie worden uitgesloten. Verder kunnen symptomen van een angststoornis zich ook voordoen als hyperactiviteit en onoplettendheid.

De schatting is dat er in Nederland bij 3 tot 5% van alle kinderen de diagnose ADHD wordt gesteld.

In het volgende artikel zal ik ingaan op het evaluatie-proces en daarna op de behandel-opties.

POSTED: 20.10. 2007, 12:58 (1)

Reacties:

  1. Vooruitlopend op het vervolg van je artikelen: inmiddels heeft Jonathan medicijnen (concerta) en de uitwerking is bijzonder te noemen. We zien vooral dat hij zichzelf prettiger voelt. Hij geeft ook aan dat die onrust in zijn hoofd minder is. Het werkt 12 uur en tot nog toe hebben we geen negatieve bijwerkingen kunnen ontdekken bij hem. En waar we bang voor waren: het wordt een ander kind… dat is gelukkig niet zo. Hij kan zichzelf juist beter vinden. Ook de juf staat versteld: ‘hij blijft gewoon zitten in de kring’…. Het is nog een proefperiode dus wordt vervolgt…

Op dit artikel kan niet gereageerd worden.